Overzicht oktober 2018

Firas Jundiya (9), voor zijn verwoeste huis waarin hij en zijn familie nog steeds wonen. Foto: Abed Zagout

Firas Jundiya (9), voor zijn verwoeste huis waarin hij en zijn familie nog steeds wonen. Foto: Abed Zagout

 

De maand oktober 2018 laat weer een behoorlijke lijst aan mensenrechtenschendingen zien. Staat van Beleg wist er 901 te registreren en nog 162 rapporten. (Zie ook ons archief). Deze maand een focus op de toegezegde donorhulp tijdens de conferentie in Cairo, precies vier jaar geleden, voor de wederopbouw van de Gazastrook.

 

– English text –

De huidige situatie in de Gazastrook

Vier jaar zijn verstreken sinds het einde van de laatste militaire aanval op de Gazastrook. Het grootste deel van de Palestijnse enclave ligt nog steeds in puin. Veel inwoners van Gaza hebben nog steeds geen permanente woning. De mensen wonen in schuilplaatsen en andere tijdelijke behuizing. De afwezigheid van basisinfrastructuur – elektriciteit, schoon water, rioolwaterzuivering en afvalbeheer – heeft het dagelijks leven in de Gazastrook met haar 1.9 miljoen inwoners verwoest. Terwijl de wederopbouw voortploeterd, is 54 procent van de beroepsbevolking werkloos, oplopend tot 70 procent onder de jeugd van Gaza. Gaza kan nauwelijks de levens van haar huidige bewoners bestendigen. Met een jaarlijkse bevolkingsgroei van 2,4 procent, wordt de situatie in de Palestijnse enclave steeds grimmiger, terwijl pogingen om de humanitaire situatie te verbeteren en wederopbouw uit te breiden falen. Ondertussen verergeren de voortdurende Israëlische belegering en scheepvaartblokkade van Gaza deze problemen en sluit het Gaza van de buitenwereld af. De omstandigheden in Gaza komen overeen met die van een open gevangenis; de opgesloten Palestijnen zijn het slachtoffer van een collectieve straf omdat ze niet voldoen aan de eisen van de Joodse staat. De aanhoudende Israëlische bezetting draagt bij aan de groeiende wanhoop en frustratie van de Gazanen. De uitzichtloze en mensonterende situatie benadrukt de noodzaak van een politieke oplossing voor de Israëlische bezetting. Hoewel een vredesovereenkomst tussen de Israëliërs en Palestijnen buiten bereik lijkt te liggen vereisen de ondermaatse levensomstandigheden in Gaza de aandacht van internationale actoren die verbonden zijn met het vredesproces. Als de leefomstandigheden in Gaza in de nabije toekomst niet verbetert zal de regio onvermijdelijk een nieuw conflict beleven, gewelddadiger dan het vorige.

 

Het Gaza Reconstruction Mechanism (GRM)

Het Gaza Reconstruction Mechanism (GRM), is een tijdelijke drie-partijenovereenkomst tussen de Palestijnse Autoriteit (PA), de Israëlische regering en de Verenigde Naties, die de wederopbouw van Gaza heeft bestuurd sinds de oorlog van 2014. Nu we vier jaar verder zijn is duidelijk dat de wederopbouw van Gaza bij lange na niet het doel bereikt heeft. In plaats daarvan heeft de GRM niet alleen de wederopbouw belemmerd, maar is tevens de Israëlische blokkade geïnstitutionaliseerd.

 

Wat ging er mis?

Verschillende factoren verklaren de trage wederopbouw van Gaza. Ten eerste is de beperkte toegang tot en uit het grondgebied door zowel de Israëlische als de Egyptische autoriteiten gehandhaafd. ‘Coordination of governmental activities in the territories’ (COGAT), een eenheid van het Israëlische ministerie van Defensie, moet goedkeuring geven aan alle constructie en humanitaire konvooien die Gaza oversteken. De twee toegangspunten zijn Kerem Shalom in het zuiden voor commerciële goederen en Erez in het noorden voor de mankrachten. De Egyptische autoriteiten controleren de toegang via de grens met Rafah, die in 2015 maar 32 dagen werd geopend, 44 dagen in 2016 en 10 niet-opeenvolgende dagen in 2017 (vanaf mei). Vanwege deze beperkingen is er ruim onvoldoende steun in de Gazastrook binnengekomen die essentieel is voor een effectieve wederopbouw van de Gazastrook en haar economie.

Ook hebben financieringskwesties de wederopbouw belemmerd. Ondanks het grote enthousiasme tijdens de Cairo Conferentie in oktober 2014, waar vele toezeggingen werden gedaan voor de wederopbouw van Gaza, zijn vele donaties niet nagekomen. Vanuit het Arabische blok Bahrein, Koeweit, Qatar, Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, kwamen de grootste toezeggingen. Dit blok is echter ook verantwoordelijk voor het grootste deel van de onvervulde betalingen. Van de toegezegde $5,4 miljard op de conferentie, waarvan $3,499 miljard bedoeld was voor projecten in Gaza, was op 1 maart 2018 pas $1.884 miljard (54%) uitbetaald. Na de conferentie in Cairo in 2014 ontving de wereldbank een verzoek van de Palestijnse autoriteiten en Noorwegen om de betalingen van donortoezeggingen die tijdens de conferentie werden gedaan te monitoren. Met het idee dat de geplande einddatum van de contributies oktober 2017 zou zijn zou de laatste rapportage van de bank oktober 2017 zijn.

 

download (1)

Daadwerkelijke uitbetalingen van de Cairo Conferentie support aan de Gazastrook per categorie, maart 2018 (USD miljard)

 

Donormoeheid lijkt een andere oorzaak te zijn voor de langzame en uitgestelde uitbetaling. Eén van de oorzaken valt te verklaren uit het meerdere keren verdwijnen van eerdere financieringen als gevolg van vorige oorlogen. Ook de onderlinge politieke verschillen tussen de Arabische landen hebben de donaties beïnvloed.  Qatar en Turkije hebben de grootste donaties voor Gaza van alle landen in het Midden-Oosten gedaan ($216 en $139 miljoen). Deze genereuze leveringen zijn echter zeldzaam en zijn onvoldoende voor de wederopbouw van Gaza. Met het uitblijven van een definitieve politieke oplossing voor de Israëlische bezetting, zullen donoren met tegenzin geld doneren aan Gaza.

Bovenal is de Israëlische regeringscoalitie als oorzaak aan te wijzen. Het gebrek aan politieke wil van de Israëliers om te onderhandelen met de Palestijnen staat aan de basis van het mislukken van de wederopbouw. De Israëlische regering heeft vanaf aanvang alles gedaan om het project voor de wederopbouw van Gaza te saboteren. De Gaza Reconstruction Mechanism (GRM) werd geïnitieerd in september 2014 in een poging om Gaza te reconstrueren middels een samenwerking tussen de Israëlische regering, de Palestijnse Autoriteit en de Verenigde Naties. Het was de bedoeling om de stroom van bouwmaterialen naar Gaza zo spoedig en effectief mogelijk te laten verlopen door het creëren een directe communicatielijn tussen COGAT en de PA, met een medewerker van de VN als intermediair tussen de twee partijen. De GRM moest het veiligheidsprobleem van Israël verminderen en het donorvertrouwen versterken, zoals werd verondersteld, waardoor het verstrekken van de nodige financiering voor de reconstructie zou plaatsvinden. Via de GRM is een uitgebreid systeem van inspectie en monitoring van de invoer in Gaza gemaakt. Door te voldoen aan de veiligheidszorgen van Israël zou de import van constructiematerialen naar de Gazastrook versnellen, en als zodanig helpen bij de wederopbouw, terwijl tegelijkertijd de banenkansen voor jonge Gazanen in de particuliere bouwsector zouden worden vergroot. Het algemene doel van de GRM was de bouw en reconstructie van Gaza op grote schaal. De GRM betrof een  kortetermijnregeling en hoewel er geen einddatum voor het mechanisme werd vastgelegd, zouden binnen drie jaar, dus voor het einde van 2017, de donaties overgemaakt moeten zijn.

Dit doel werd opgedeeld in vier logische doelstellingen:

(a) Maak de regering van Palestina mogelijk om de wederopbouwinspanning te leiden;

(b) het inschakelen en daarmee versterken van de particuliere sector in Gaza;

(c) donoren verzekeren dat hun investeringen in bouwwerkzaamheden in Gaza zal onverwijld worden geïmplementeerd;

(d) de Israëlische beveiligingsproblemen aanpakken.

Op het eerste gezicht leek de GRM een positieve uitkomst te bieden voor iedereen. Veel van de doelstellingen gingen echter verloren tijdens de implementatie. Het werd snel duidelijk dat COGAT (lees het Israëlische Ministerie van Defensie) het laatste woord had over een bouwproject en/of constructiematerialen die bestemd zijn voor Gaza. De veiligheid van Israël kreeg daardoor zoveel prioriteit dat de zeggenschap van zowel PA als Hamas werd geminimaliseerd. In feite is hierdoor het mechanisme zelfs zover mislukt dat het derde doel, het verzekeren van de donorinvesteringen mislukt is. De bouw is voortgezet in een dermate langzaam tempo met veel vertragingen, dat de donoren ontmoedigd raakten en hun betalingen aan Gaza uitstelden.

 

“De heropbouw van Palestijnse huizen gaat niet alleen om materialen en gebouwen maar zou onderdeel moeten zijn van een breder politiek kader met als doel om het Israëlische kolonistenproject in Palestina te dekoloniseren. Wanneer er geen radicale verandering in de huidige situatie plaatsvindt zal wederopbouw na conflicten onderdeel blijven van een humanitaire aanval op de inwoners van de Gazastrook. De korte termijnwinst in huisvesting normaliseert het bestaan van een blokkade die bijna 2 miljoen mensen gevangen houdt”.

– Project On Middle East Political Science (POMEPS) –

 

Conclusie

Het doel van het vaststellen van een politiek instrument hangt af van het creëren van een zeer efficiënt en functionerend systeem om het doel te bereiken. In theorie was dat het primaire doel van de GRM. Het moet een duidelijk kanaal bieden van communicatie tussen COGAT, de PA, de VN en de Gazanen voor wederopbouwprojecten in de Palestijnse enclave. Echter, gezien de afwezigheid van politieke wil van Israël om het mechanisme te laten werken zoals het bedoeld is, werd de GRM niet meer dan een omslachtige bureaucratie, met als enige gevolg de institutionalisering van de Israëlische belegering van Gaza.

 

Bronnen:

 

Post navigation

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>