Overzicht september 2019

Palestijnen uit de Gazastrook die op vissersbootjes stappen  de joodse milities te ontvluchten in 1948 / Foto: UNRWA

Palestijnen uit de Gazastrook die op vissersbootjes stappen om de zionistische milities te ontvluchten in 1948 / Foto: UNRWA

In de maand september 2019 registreerde Staat van Beleg 864 schendingen en 145 rapporten. (Zie ook ons archief). Deze maand schrijven we over het tragische lot van Palestijnen die het risico namen om hun uitzichtloze situatie door de Israëlische bezetting te ontvluchten in de hoop op een beter leven elders.

– English text –

Op 19 augustus lazen we in een artikel in de “The Times of Israel” dat volgens een hoge Israëlische functionaris Israël actief de emigratie van Palestijnen uit de Gazastrook promoot en probeert landen te vinden die deze mensen op zouden willen nemen. Israël is bereid de kosten te dragen om Palestijnen uit de Gazastrook te laten emigreren en zou zelfs in overweging willen nemen om een Israëlisch vliegveld, dicht bij de Gazastrook gelegen, te gebruiken om af te reizen naar hun nieuwe gastlanden. Europese landen en landen uit het Midden-Oosten zijn door Israël benaderd om Palestijnen uit de Gazastrook die willen vertrekken te accepteren maar geen van de landen heeft een akkoord gegeven om hen op te nemen.

Met alles wat plaatsvindt in de bezette gebieden en de Gazastrook zullen we niet raar opkijken wanneer de normalisatie van verdrijving een volgende stap in het koloniale project van de Israëlische overheid is. Maar we zullen ook niet raar opkijken wanneer deze uitlatingen waren geënsceneerd voor de verkiezingsstrijd in aanloop naar de presidentsverkiezing. Voor Palestijnen zullen beide scenario’s als een grote vernedering worden ervaren. Het eerste scenario omdat het erop lijkt dat het Palestijnse recht op terugkeer, vastgelegd in internationale wetgeving, wordt genegeerd. Het tweede scenario omdat Palestijnen die niet mogen reizen, terugkeren of hun eigen internationale transportmiddelen mogen hebben gebruikt worden om stemmen te scoren. Hen wordt onterecht het idee gegeven legaal af te mogen reizen vanaf een Israëlisch vliegveld.

Palestijnen zullen niet alleen gevoelens van vernedering ondervinden. Wanneer we denken aan de Nakba in 1948 en tijdens de decennia die volgden waarbij Palestijnen grote riscico’s namen om de bezetting te ontvluchten, vaak resulterend in de dood, dan spreken we over onvoorstelbare gevoelens van verdriet. Om deze schrijnende pogingen van Palestijnen die hun thuisland ontvluchtten, in hun uitzichtloosheid op zoek naar een beter leven, te illustreren zullen we jullie meenemen op hun reizen. We zullen hun sporen volgen, vluchtend van het ene naar het andere land. Veel van deze vluchtelingen belandden in conflictgebieden, verstoken van mensenrechten, niet welkom geheten en vaak slecht behandeld. We zullen het ook hebben over de vele Palestijnen die verdronken en op de zeebodem verdwenen.

 

Sporen van vluchtende Palestijnen

Het is erg moeilijk om totaalcijfers te verkrijgen van Palestijnen die zijn overleden tijdens hun vluchten naar andere landen. We praten over verschillende vluchtelingenstromen van Palestijnen die tijdens conflicten gedwongen waren te vluchten of vanuit landen waar ze niet waren geregistreerd. Veel Palestijnen verdwenen op de zeebodem en werden als vermist opgegeven. Hun dood kan niet officieel worden bevestigd. Wat we wel kunnen doen is de immense pogingen van Palestijnen laten zien in hun zoektocht naar een veilige haven die vaak resulteerde in een eenzame dood. Met de cijfers die worden genoemd kunnen we ons enigszins een beeld vormen. Ter illustratie zullen we twee van deze sporen beschrijven.

Yarmouk is een van de elf Syrische kampen die de thuisbasis vormden voor zo’n 500,000 Palestijnse vluchtelingen die tijdens de Nakba in 1948 en latere oorlogen zijn gevlucht. Voor de Syrische oorlog verbleven er 160,000 Palestijnen in het kamp. In 2015 toen Yarmouk onder controle was van ISIS verbleven er 18,000 mensen, waaronder Palestijnen, in het kamp. De meeste kampen in Syrië zijn volledig vernietigd waarbij mogelijk twee of drie functionerende kampen zijn overgebleven. In deze oorlogstijd hebben Palestijnse vluchtelingen uit Syrië duizenden dollars betaald om Europa te bereiken op “boten van de dood” varend over de Middellandse Zee. Deze vluchtelingen, die normaliter duizenden dollars betaalden voor de gevaarlijke reis, hebben 50 procent kans om te overlijden op zee. Er wordt aangenomen dat 7,250 Palestijnse vluchtelingen zijn omgekomen op deze boten (cijfers uit 2015). Anderen probeerden te vluchten over land naar Libanon waar hen de toegang werd ontzegd. Aan de andere kant heeft de “Action Group of Palestinians in Syria” sinds 2011 3,987 dode Palestijnen gedocumenteerd in Syrië, inclusief vrouwen en kinderen als gevolg van oorlogsgerelateerde incidenten.

Palestinian refugees shown queuing for food supplies in the Yarmouk refugee camp in 2014 ( AP )

Palestijnse vluchtelingen die in de rij staan voor eten in het vluchtelingenkamp Yarmouk in 2014 ( AP )

Vaak stopte het spoor niet bij de dood in een gammel bootje. Veel vluchtelingen kwamen terecht in een ‘tussenstop’, vaak geregisseerd door hun smokkelaars. Een van deze ‘tussenstoppen’ is Egypte. Wat we hier zien is dat Palestijnen in hun pogingen een onleefbare plaats te ontvluchten meer en meer kwetsbaar werden en aangewezen op de hulp van anderen, verstoken van mensenrechten. In november 2013 bracht Human Rights Watch een rapport uit, “Egypt: Syria Refugees Detained, Coerced to Return,” waarin de systematische schendingen op Palestijnse en Syrische vluchtelingen in Egypte worden beschreven. Er wordt in het rapport genoemd dat “Egypte meer dan 1,500 vluchtelingen uit Syrië, waaronder tenminste 400 Palestijnen en 250 kinderen waarvan sommige slechts twee maanden oud waren, weken en soms maandenlang heeft vastgehouden. Veiligheidsagenten hebben bevestigd dat de vluchtelingen voor onbepaalde tijd worden vastgehouden totdat ze het land verlaten. Palestijnse vluchtelingen uit Syrië zijn vooral kwetsbaar omdat het Egyptische beleid hen ervan weerhoudt bescherming te zoeken bij de “Office of the UN High Commissioner for Human Rights” (UNHCR), in strijd met UNHCR’s mandaat onder het vluchtelingenverdrag van 1951. De Egyptische autoriteiten vertellen de gedetineerde Palestijnen dat hun enige alternatief voor detentie voor onbepaalde tijd bestaat uit het afreizen naar Libanon, waar ze alleen legaal worden toegelaten op een 48 uur transitvisum of terugkeren naar Syrië. Het rapport beschrijft verder verschillende gevallen van levens/doodskeuzes die Palestijnen in Egypte ervaren, inclusief het op gammele bootjes stappen in de hoop een land te bereiken die hen opvang zou willen geven. Volgens “Human Rights Watch” verblijven er circa 300,000 Syriërs in Egypte waarvan er 125,000 zijn geregistreerd bij UNHCR als vluchteling. In het kort, Palestijnen die de Nakba ontvluchtten naar Syrië vanaf 1948 moesten een andere catastrofe ontvluchten. Velen belandden in Egypte waar ze gevangen werden genomen tenzij ze op een 48 uur transitvisum naar Libanon zouden kunnen afreizen of ze zouden moeten terugkeren naar een door oorlog verscheurd Syrië. Zodoende vluchtten velen van hen op gammele bootjes.

Het volgende spoor dat we volgen is van een groep Palestijnen die praktisch de wereld rond hebben gereisd in hun zoektocht naar opvang. In juni 2012 werd gevreesd dat tientallen Palestijnse vluchtelingen die uit Irak waren verdreven na de invasie van de Verenigde Staten in zee waren verdronken, inclusief complete families met jonge kinderen. Ze bevonden zich tussen de groepen mensen die op gammele bootjes eind juni Indonesië hadden verlaten richting Australië. Op de “Australian Border Deaths Database” wordt op 14 augustus 2012 vermeld dat “een boot Indonesië op 28 juni had verlaten waarvan geen bewijs is om aan te geven dat deze boot in Australië is aangekomen.67 passagiers aan boord. Palestijnen waaronder tenminste 1 kind, verdwenen op zee richting Australië”. In de database zijn grote aantallen van gevallen gedocumenteerd zonder vermelding van nationaliteit.

De Palestijnen bevonden zich tussen honderden vluchtelingen die omslachtige reizen maakten over een tijdspanne van vele jaren. Van Irak naar Jordanië en daarna naar Cyprus waar hun asielaanvragen werden afgewezen en waar ze onder zware omstandigheden verbleven. Nadat ze Cyprus hadden bereikt reisden ze verder naar Maleisië waar het onder bepaalde condities mogelijk is voor Palestijnen zonder visum binnen te komen. Daarna werd de reis voortgezet naar Indonesië waar mensensmokkelaars betaald werden om hen per boot naar Australië te vervoeren.

Palestijnen werden na de invasie van de Verenigde Staten geconfronteerd met geweld en vervolging. Ze werden collectief en zonder bewijzen beschuldigd van zelfmoordaanslagen die onderdeel uitmaakten van Irak’s burgeroorlog die volgde op de invasie. Velen verbleven jarenlang aan de grens van Irak met Jordanië. De grootouders van deze vermiste Palestijnen werden in 1948 na de oprichting van de staat Israël gedwongen hun huizen in Acre en Haifa te verlaten. Na jaren van ontberingen, ronddolend van vluchtelingenkamp naar vluchtelingenkamp in het Midden-Oosten kwamen deze mensen aan in Irak, berooid en stateloos.

Osama Qashoo, een fillmmaker en voorvechter van mensenrechten, stelt terecht de vragen: “Wat gebeurde er met deze boten? Waarom zijn ze gezonken? Zijn ze gezonken? Waarom de stilte in de media aangaande zo’n tragedie die normaliter de voorpagina van kranten en opiniestukken over de status van asielzoekers en vluchtelingen zou halen?” Qosama had gelijk over de stilte in de media, we hebben er nooit meer iets over vernomen. En er zijn meer vragen. Voor de invasie van de Verenigde Staten in 2003 verbleven er rond de  30,000 Palestijnse vluchtelingen in Irak en na de invasie slechts 4,000. Wat is er gebeurd met 26,000 Palestijnse vluchtelingen? In dit rapport van het “Palestinian Return Centre” worden wat antwoorden gegeven maar zoals we mogen concluderen is het bijna onmogelijk om al deze vluchtelingenstromen naar verschillende kampen en landen te registreren.

Members of the Milhim family who are among those feared lost at sea. Picture source:  Electronic Intifada

Leden van de familie Milhim die zich bevonden onder de groep die vermist is in zee. Fotobron: Electronic Intifada

Meer doden en rampen

Mensenrechtenactivisten in de Gazastrook geloven dat  rond de 30,000 van de twee miljoen inwoners de Gazastrook (375 km2) zijn ontvlucht in het afgelopen decennium, met een forse toename in aantallen na de 50-daagse oorlog in 2014. Waarom emigreren mensen uit de Gazastrook? Eenvoudig gezegd, om de barre gevolgen van de strikte en illegale Israëlische blokkade die al 13 jaar voortduurt te ontvluchten. Toen in 2014 veel mensen Gaza ontvluchtten gebruikten de meeste mensen de tunnels om de Egyptische kant van Rafah te bereiken om van daaruit hun reis te vervolgen naar Port Said. In die periode moesten mensen tussen de $3,500 tot $4,000 dollars betalen voor de reis.

De laatste slachtoffers zijn Tamer al-Sultan en Saleh Hamad. Tamer al-Sultan (38), een vader van drie jonge kinderen, overleed afgelopen augustus tijdens zijn zoektocht naar vrijheid en een veilige toekomst voor zijn gezin. Volgens zijn familie verbleef Tamer de laatste weken van zijn leven in een Bosnisch bos waar hij diverse verwondingen opliep. Een verwonding aan zijn linkerhand ontaardde in gangreen voordat hij in een ziekenhuis werd opgenomen. Zijn gezondheid verslechterde voordat hij overleed in een Bosnisch ziekenhuis.

Op 10 september kwam het nieuws naar buiten dat Saleh Hamad (22), die al drie weken als vermist was opgegeven, gevonden was door autoriteiten in Bosnië. Hij had geprobeerd te emigreren naar Europa om de barre omstandigheden in de Gazastrook te ontvluchten. Zijn familie verklaarde dat ze officieel op de hoogte waren gebracht dat hun zoon verdronken was.

Hier kunnen we het tragische verhaal lezen van Malak Abu Jazar (11) die in oktober 2018 verdronk in zee nabij Bodrum in Turkije.

De bovengenoemde gevallen zijn slechts een paar van de laatste losstaande gevallen die de media haalden maar er waren ook grote rampen op zee. In oktober 2013 werden Palestijnse en Syrische vluchtelingen begraven door Italiaanse autoriteiten in naamloze graven omdat hun families de lichamen niet konden ophalen. Een totaal van 206 Syriërs en Palestijnen werden gered en tientallen lichamen werden geborgen van een schip dat was gezonken nabij Sicilië op 11 oktober. Het schip was afkomstig uit Libië en was onderweg naar Europa. Het aantal vermiste slachtoffers bedraagt meer dan 200,  overeenkomend aan de schatting die de Maltese autoriteiten maakten.

Eerder in de maand, op 2 oktober 2013, verdronken 360 personen, waarvan de meesten Eritreeërs en Somaliërs waren, voor de kust van het Italliaanse eiland Lampedusa. Onder de slachtoffers van deze eerdere ramp bevonden zich ook tientallen Palestijnen.

In september 2014 verklaarde de Palestijnse ambassade in Griekenland dat een schip dat gezonken was voor de kust van Malta 450 passagiers aan boord had waarvan de meeste Palestijnen waren uit de Gazastrook. Het schip zou met opzet door een ander schip dat werd bemand door concurrerende smokkleaars zijn aangevaren. De in de Gazastrook gevestigde mensenrechtenorganisatie Adamir heeft de namen vergaard van meer dan 400 vermiste personen.

In dezelfde week verdronken tenminste 15 Palestijnen toen een schip zonk voor de kust nabij Alexandrië in Egypte.

In september 2017 verdronken tenminste 50 Palestijnse vluchtelingen uit Syrië die waren ingescheept voor een reis vol gevaren naar Europa. Een aantal Palestijnen verdronk voor de kust van Libië onderweg naar Italië terwijl anderen verdronken in de wateren van Marmara toen ze probeerden van boord te gaan in Griekenland.

 

“Het is beter om op zee te sterven dan te sterven uit wanhoop en frustratie in de Gazastrook”.

 Inwoner Gazastrook

 

Concluderend

Het is duidelijk dat we niet de exacte cijfers kunnen verkrijgen van Palestijnen die zijn overleden tijdens hun vlucht naar een veilige haven en vrijheid. Het is belangrijk om aan te geven dat we slechts twee ‘sporen’, drie losstaande gevallen en vijf rampen hebben beschreven binnen een tijdspanne van acht jaar. We hebben niet de overvolle vluchtelingenkampen beschreven in diverse landen waar Palestijnse vluchtelingen verblijven sinds de beginjaren van de Nakba. Veel van deze Palestijnen stierven een vroege dood vanwege de slechte levensomstandigheden in deze kampen, verstoken van behoorlijke voeding, behuizing, gezondheidszorg en beveiliging. Ook hebben we het niet gehad over de concentratiekampen en werkkampen waar vele Palestijnen stierven.

Painting of a Palestinian refugee camp at Nahr al-Barid in northern Lebanon, winter 1948 / By Anis Hamedeh - 2008

Schilderij van een Palestijns vluchtelingenkamp in Nahr al-Barid in het noorden van Libanon, winter 1948 / Door Anis Hamadeh – 2008

Nu kunnen we ook beter begrijpen waarom Israël iedere week de “Great March of Return” in de Gazastrook gewelddadig onderdrukt. Op 14 mei 2018 doodden Israëlische scherpschutters maar liefst 59 Palestijnen in de Gazastrook tijdens de “Great Return March” voorafgaand aan de zeventigste herdenking van de Nakba. Israël wil niet dat Palestijnen terugkeren naar hun thuisland. En de Palestijnen die in de bezette gebieden en de Gazastrook wonen mogen lijden en sterven of vertrekken om nooit meer terug te keren.

We mogen terecht vaststellen dat Palestijnen die gestorven zijn tijdens hun vlucht of in miserabele vluchtelingenkampen bijdragen aan de uitroeiing van Palestijnen in het algemeen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *