Overzicht juli 2020

Het afgebrande huis in het Palestijnse dorp Duma in augustus 2015. (Flash90)

In de maand juli 2020 registreerde Staat van Beleg 829 schendingen en 163 rapporten. (Zie ook ons archief en de maandrapporten van het “Negotations Affairs Department”). Deze maand schrijven we over de stand van zaken rond de berechting van de daders in de Duma brandstichtingszaak.

-English text –

Toen we in juli 2015 net waren begonnen met dit archief werden twee familiehuizen in Duma, een Palestijns dorp in de Westelijke Jordaanoever, door gemaskerde daders aangevallen met gasbommen. Volgens alle rapporten was het eerste huis leeg en vervolgens gingen ze naar een tweede huis waar de achttien maanden oude Ali Sa’ad Dawabsheh levend verbrandde. Zijn ouders en vijfjarige broer Ahmed Dawabsheh raakten zwaar gewond en werden met spoed naar het ziekenhuis afgevoerd. De vader, Sa’ed Muhammad Hassan Dawabsheh, overleed een paar dagen later aan zijn brandwonden. Vijf weken later overleed de moeder, Reham Dawabsheh, aan haar verwondingen.

Een familielid van Ali Dawabsheh laat een foto zien in het verbrande huis in Duma op 31 juli 2015 (Omar Qusini – Reuters)

De veroordeling van Amiram Ben-Uliel

Eindelijk, na bijna vijf jaar na het incident, werd de joodse kolonist Amiram Ben-Uliel schuldig bevonden aan moord op racistische gronden waarmee hij een mogelijke levenslange gevangenisstraf tegemoet ziet.

Palestijnen klaagden dat de rechtbank traag was met een uitspraak, anders dan de snelheid waarin zaken worden afgehandeld wanneer er Palestijnse verdachten in het spel zijn.

Uit een rapport van Yesh Din, een Israëlische non-profit mensenrechtenorganisatie, kunnen we opmaken dat het behoorlijk uniek is dat er een aanklacht was gedeponeerd. De organisatie publiceerde een datasheet over wetshandhaving ten aanzien van Israëlische burgers, kolonisten en anderen die verdacht werden van ideologisch gemotiveerde misdaden tegen Palestijnen in de Westelijke Jordaanoever. Inspectie van onderzoeksdocumenten geopend door de “Samaria & Judea (SJ) District Police” (de Israëlische politiezone voor de Westelijke Jordaanoever) toonde aan dat tussen 2005 en 2019 91% van de documenten zijn afgesloten zonder dat er een aanklacht werd gedeponeerd. Alleen bij 100 van de 1,200 onderzoeksdocumenten werd een aanklacht gedeponeerd.

In een artikel van Palestine Chronicle noemt Ramzy Baroud dat de veroordeling van Ben-Uliel waarschijnlijk zal worden toegejuicht door sommigen als bewijs dat de Israëlische rechtsgang eerlijk en transparant is en dat Israël niet door externe partijen onderzocht hoeft te worden. De timing van de rechtbankbeslissing om Ben-Uliel te veroordelen voor drie onderdelen van moord en twee onderdelen van poging tot moord was met name belangrijk omdat het volgde op een beslissing van de aanklager van het Internationaal Strafhof (ICC), Fatou Bensouda, om door te gaan met het onderzoek van oorlogsmisdaden begaan in bezet Palestina.

Aan de andere kant geven de dramatische scènes in de Israëlische media een goede indruk van hoe de overdaad aan informatie de mensen afleidt van de werkelijke misdaad. Vier dagen voor de berechting in de “Lod District Court” publiceerde Jerusalem Post een artikel met de melodramatische koptekst “Het vonnis van de Duma brandstichtingszaak zou het land kunnen verscheuren”. Hier zouden we al kunnen hebben vermoed dat het recht niet makkelijk zou zegevieren.

De strafoplegging van Amiram Ben-Uliel en zijn medeplichtige.

In een normale rechtsgang is te verwachten dat kort op een veroordeling een strafoplegging volgt. Volgens een artikel in de Times of Israel was de datum vastgesteld op 12 juli. Echter een paar dagen voor de vastgestelde datum informeerde de Israëlische politie Dawabsheh’s advocaat, Omar Hamaisim, dat de sessie was uitgesteld. Het is moelijk te geloven maar tot onze verbazing en afgrijzen vernamen we dat de nu 10-jarige Ahmed Dawabsheh, het Palestijnse kind dat als enige de brandstichting overleefd had, opgeroepen was om te getuigen in een Israëlische rechtbank op 13 juli. Naast Ahmed werden ook zijn grootvader Hussein en zijn oom Nasr opgeroepen om te getuigen.

En wederom tot onze verbazing en afgrijzen rapporteerde op 16 juli The Times of Israel:

The Lod District Court” heeft op donderdag voor publicatie vrijgegeven dat er nieuwe bewijsstukken zijn ingediend in de Duma terreurzaak door een advocaat van een Israëlische man die veroordeeld is voor het uitvoeren van een dodelijke brandstichting in 2015 die een 18 maanden oude jongen en zijn ouders doodden. De bewijsstukken die vorige week zijn ingediend waren afschriften van een serie interviews die de laatste maanden waren gegeven door de enige overlevende van de aanslag, de 10-jarige Ahmad Dawabsheh, tezamen met andere leden van zijn familie. De verdediging claimt dat een ander verslag wordt weergegeven van de aanval dan hoe het werd omschreven in de aanklacht van Ben-Uliel die op 18 mei werd veroordeeld voor de dood op de 18 maanden oude Ali en zijn ouders, Riham en Saad, en Ahmed – die destijds vijf jaar was – ernstig verwondde.

De rechtbank stemde in met goedkeuring voor publicatie van de bewijsstukken die waren ingediend volgend op een petitie van Haaretz daily. Echter, er blijft een “gag order” op de details van de bewijsstukken waardoor het niet direct duidelijk was naar welke interviews verwezen werd door de verdediging.

Nadat de documenten vorige week bij de rechtbank zijn ingediend, verzocht advocaat Asher Ohayon Ahmed te dagvaarden om te getuigen inzake de schijnbare tegenstrijdigheden. Het verzoek was aanvankelijk geaccepteerd door de rechtbank en de jongen zou volgens planning afgelopen maandag bij een verhoor moeten verschijnen. Ohayon meldde dat hij had verzocht een “gag-order” te plaatsen op de bewijsstukken om “coaching” voorafgaand aan de getuigenis van de 10-jarige te voorkomen.

Op de dag van het verhoor diende de advocatat van de familie Dawabsheh een petitie in die ondertekend was door tientallen psychologen waarin werd bevestigd dat een kind die aan PTSD lijdt niet gedwongen zou mogen worden om te getuigen in de rechtbank aangaande een incident dat vijf jaar geleden had plaatsgevonden toen hij slechts vijf jaar oud was.

De rechter heeft daarna de partijen verzocht overeenstemming te bereiken waarbij voorkomen zou worden dat de jongen verplicht zou worden in de rechtbank te verschijnen. Ohayon vertelde aan The Times of Israel dat hij aanvankelijk een overeenstemming had bereikt met de eiser waarbij Ahmed niet zou hoeven getuigen maar claimde dat de eiser terug was gekomen op de deal en dat de jongen daarmee gedwongen kan worden in de rechtbank te moeten verschijnen.

Een woordvoerder van de eiser kon niet worden bereikt voor commentaar.

Omar Khamaisi, een advocaat die de familie Dawabsheh vertegenwoordigt heeft het belang verworpen dat de verdediging probeerde door Ahmed gegeven interviews toe te kennen. “Je kunt niet de woorden van een tienjarige jongen met PTSD gebruiken aangaande een traumatische ervaring die vijf jaar geleden heeft plaatsgevonden”. zei hij.

Door de nieuwe bewijsstukken is de strafoplegging van Ben-Uliel vertraagd.

Volgens de veroordeling hebben Ben-Uliel en een medeplichtige tiener gepland een aanval op Palestijnen uit te voeren als wraakactie op een “drive-by shooting” een aantal dagen eerder waarbij de Israëlische burger Malachy Rosenfeld was gedood.

Toen de jongere medeplichtige niet was op komen dagen op de afgesproken tijd van ontmoeting in juli 2015 besloot Ben-Uliel om de aanval alleen uit te voeren. Hij ging naar het dorp Duma alwaar hij Hebreeuwse teksten op een huis spoot en vervolgens gooide hij Molotovcocktails door de ramen van een aantal huizen. Het eerste huis was leeg, maar in het tweede huis sliep de familie Dawabsheh.

De medeplichtige tiener, wiens naam niet wordt gepubliceerd omdat hij minderjarig was ten tijde van het incident, bereikte afgelopen mei een “plea agreement” met het bureau voor de openbare aanklager waarbij hij toegaf dat hij de verbranding van het huis van Dawabsheh gepland had. .

In oktober besliste de “Lod District Court” dat hij lid was van een terreurorganisatie.

In juli 2019 plaatste de rechtbank hem onder huisarrest, minder dan twee maanden nadat ze een aantal van zijn getuigenissen  hadden verworpen omdat deze waren onttrokken onder extreme drang door ondervragers van de Shin Bet veiligheidsdienst.

De eiser heeft de rechtbank gevraagd om de medeplichtige niet meer dan vijf en een half jaar gevangenisstraf op te leggen. De tijd dat de tiener al vast heeft gezeten zal worden afgetrokken van de veroordeling, ongeveer twee en een half jaar.

De medeplichtige zal zijn strafopleggging samen met Ben-Uliel krijgen.

Orthodoxe jongeren dansen tijdens een trouwerij in Jeruzalem met geweren en messen, waarbij ze met een mes in de foto van Ali Dawabsheh steken, de baby die gedood werd tijdens de brandstichting in Duma

“Ben Uliel is geenszins een eenling”

– Ramzy Baroud –

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *