Overzicht september 2020

Kinderen van het dorp Umm al-Khair roepen op tot milieurechten en Palestijnse rechten tijdens een globale klimaatbetoging / Foto: International Solidarity Movement

In de maand september 2020 registreerde Staat van Beleg 659 schendingen en 111 rapporten. (Zie ook ons archief en de maandrapporten van het “Negotations Affairs Department”). Deze maand schrijven we over klimaatverandering in bezet Palestina.

-English text –

Vorig jaar vanaf 20-27 september vonden een aantal internationale stakingen en protesten plaats onder de naam “the Global Week for Future” met de eis om aandacht te vragen voor klimaatverandering. In veel steden wereldwijd zagen we protesten met een piek in de maanden september en oktober. In de maanden daarna werden we geconfronteerd met de uitbraak van Corona, welke later overging in een pandemie, die het meeste van het nieuws in beslag nam en de focus op klimaatverandering leek te zijn verdwenen.

Voor de Palestijnse bevolking waren deze globale protesten een unieke kans om hun bezorgdheid onder de aandacht te brengen. Op 19 oktober sloten bedoeïenenkinderen uit de Westelijke Jordaanoever zich aan bij globale klimaatprotesten waarbij de Israëlische rol in het verslechteren van de effecten van klimaatverandering voor de Palestijnse bevolking werd uitgesproken. Tientallen betogers van het bedoeïenendorp Umm al-Khair in de “South Hebron Hills” zwaaiden met spanddoeken waarop stond geschreven “Leef met het land, leef zoals bedoeïenen” tijdens Palestina’s eerste “Extinction Rebellion action”.

Terwijl de wereld in beslag werd genomen door Corona is Israël nooit opgehouden met het stelen en annexeren van Palestijns land, het slopen van Palestijnse huizen, het ontwortelen van Palestijnse bomen/gewassen en het vernielen van Palestijnse infrastructuur om plaats te maken voor illegale nederzettingen. In een rapport van “Arava Institute for Environmental Studies” zeggen experts dat het Israëlische plan om 30 procent van de bezette Westelijke Jordaanoever te annexeren de schadelijke effecten van klimaatverandering kan verergeren. Dit is inclusief het bedreigen van de strategische watervoorraad in de regio, het bedreigen van Palestijnse voedselveiligheid en het beëindigen van de essentiële grensoverschrijdende samenwerking aangaande het milieu. Een dubieus beleid gezien de urgentie om klimaatverandering aan te pakken.

We zullen nu een aantal factoren onder de aandacht brengen die een belangrijke rol spelen bij klimaatverandering in bezet Palestina. (bron: Al Shabaka,  “Klimaatverandering, de bezetting en een kwetsbaar Palestina” – 26 maart 2019)

Waarom ondergaan Palestijnen onder bezetting de effecten van klimaatverandering sterker?

Palestina’s versnipperde politieke landschap biedt een van de grootste uitdagingen om met klimaatverandering om te gaan. Drie verschillende en vaak tegenstrijdige entiteiten besturen het gebied tussen de Jordaanrivier en de Middellandse Zee: de Israëlische overheid (die de leiding heeft over de moderne staat Israël, bezet Jeruzalem, de Golanhoogten, de facto Gebied C en de Jordaanvallei in de Westelijke Jordaanoever), de Palestijnse autoriteit (Gebied A en B in de Westelijke Jordaanoever) en Hamas (de Gazastrook). Deze gedifferentieerde politieke en sociale realiteit heeft geresulteerd in een enorme disbalans in de beleving van de effecten van klimaatverandering, het vermogen het te onderscheppen en het vermogen om geharmoniseerde schattingen en evaluaties over de effecten te maken vanwege povere en inconsequente gegevensverzameling.

Bovendien worden ondanks dat de effecten van klimaatverandering in grote lijnen vergelijkbaar zijn in het gebied veel van de politieke focus en beschikbaar onderzoek in de bezette Palestijnse gebieden incorrect als gescheiden behandeld van historisch Palestina. Met deze afbakening wordt niet alleen het Palestijns bestuur genegeerd maar het manouvreert bezet Palestina – een staat met een niet-souvereine status – in de bedenkelijke positie van “de toekomst te vertegenwoordigen van een structuur die probeert haar uit te wissen”.

Het enige grote niet aan het milieu gewijde risico waarmee Palestijnen in de bezette Palestijnse gebieden geconfronteerd worden is de Israëlische bezetting, in die mate dat de “United National Development Programme” (UNDP) het als een mileurisico beschouwt op zich. Restricities op bewegingsvrijheid van mensen en goederen, de apartheidsmuur, landinname, de uitbreiding van nederzettingen, kolonistengeweld en een slecht PA bestuur bedreigen allemaal de Palestijnse water en voedselzekerheid en verhogen consequent de kwetsbaarheid voor klimaatverandering.  

Het is cruciaal om hier te benadrukken dat bezet Palestina onderworpen is aan de internationale wet van oorlogvoerende bezetting. Israël, als de bezettende macht, is legaal verantwoordelijk om aan de behoeften te voldoen van de bezette bevolking die volgens de Haagse Conventie, de bescherming van natuurlijke bronnen bevat. Bovendien, verbiedt de Vierde Conventie van Genève de willekeurige vernieling en toeëigening van bezittingen en de vernieling, verwijdering en deactivering van civiele objecten, die onmisbaar zijn voor de burgerbevolking, inclusief landbouwgebieden, drinkwaterinstallaties en irrigatiewerken.

De bezetting heeft zodoende geleid tot onaangepast beleid en praktijken die de Palestijnse weerbaarheid en de bereidheid om klimaatverandering aan te pakken ondermijnen. Daarentegen bevindt Israël zich in een gunstige positie om zich aan te passen aan de effecten van klimaatverandering en is daardoor minder kwetsbaar.

De Palestijnse autoriteit heeft geen souvereine bevoegdheid over haar natuurlijke bronnen of grote delen van haar gebied en geniet geen politieke wil om de risico’s van klimaatverandering te beheren. Doch, paradoxaal, is ze belast om klimaatverandering aan te pakken. Dit geeft aan dat de adaptieve inspanningen van de PA zeer onbeduidend en contraproductief zijn.

Water

Klimaatverandering zal de meeste sectoren van de economie van bezet Palestina beïnvloeden maar een van de grootste slachtoffers zullen de beschikbaarheid en kwaliteit van water zijn. Ten eerste zullen zoetwaterbronnen – oppervlakte en grondwater – schaarser worden omdat er minder regen zal vallen. Dit zal het moeilijker maken om grondwaterlagen aan te vullen in periodes van sterke bevolkingsgroei terwijl tegelijkertijd de concurrentie voor water van Palestijnse landbouw, illegale Israëlische nederzettingen en industrie toeneemt. Minder regen maakt ook dat waterwinning kostbaarder is en meer energie verbruikt. Hogere temperaturen en meer bezinksel kan de kwaliteit van het drinkwater beïnvloeden gezien de beperkte behandelingsfaciliteiten.

Ten tweede vergroot klimaatverandering de kans van intense korte periodes van regenval, in tegenstelling tot een uitgebreid regenseizoen, en zullen overstromingen zeer waarchijnlijk zijn. De bestaande infrastructuur van bezet Palestina is ongeschikt om heftige regenval te dragen dat tot overstromingen in stedelijke gebieden kan leiden, deels vanwege onvoldoende waterafvoer en rioleringssystemen.

Palestijnse vrijwilligers helpen mensen met oversteken tijdens een overstroming in Gaza City op 14 december 2013. Een hevige storm zorgde ervoor dat grote delen van het Midden-Oosten werden afgesloten, Jeruzalem bedekt werd met sneeuw en de Gazastrook overstroomd werd. Foto: Ashraf Amra/APA Images

Water is geen apolitieke bron. De bezetting belast waterbronnen en tast gebieden aan in de gezondheidsector tot in de industrie. De belangrijkste bron van drinkwater voor Palestijnen is opgeslagen grondwater en Palestijnen zijn sterk afhankelijk van grondwaterlagen. De grondwaterlagen in het westen, noordoosten en oosten bevinden zich in de Westelijke Jordaanoever. In de Gazastrook is de enige waterbron de grondwaterlaag aan de kust welke onderhevig is aan teveel extractie en vervuiling de laatste jaren waardoor het risico van uitputting toeneemt. Dit komt bovenop een stijgende zeespiegel en de inmenging van zeewater, gezien de Gazastrook aan de Middelandse kust ligt.

Israël heeft een gecompliceerde bureaucratie gecreëerd van licenties, vergunningen en toegangsrechten die zijn ontworpen om controle te hebben en selectief Palestijnen in hun toegang tot grondwater te beperken. Israël doet dit onder bevoegdheden die werden gegeven met het 1995 Oslo II akkoord – aanvankelijk bedoeld als een vijfjarige overeenkomst en nog steeds van kracht na 24 jaar – die Israël controle gaf over ongeveer 80% van de waterreserves in de Westelijke Jordaanoever.

Bovenop dat Israël verhindert dat er voldoende schoon water de Gazastrook inkomt verhindert Israël alle pogingen om een waterinfrastructuur te bouwen en te onderhouden, zoals reservoirs en het verhinderen van de import van fundamentele bouwmaterialen. De reslultaten zijn dodelijk: 90-95% van het water in de Gazastrook is vervuild en niet geschikt als drinkwater of irrigatie. Vervuild water is de oorzaak van meer dan 26% van alle gerapporteerde ziektes in de Gazastrook en is de hoofdoorzaak van kindersterfe met meer dan 12% kinderslachtoffers.

Palestijnse kinderen wachten in een rij om hun jerrycans te vullen met drinkwater van een openbare watervoorziening in het vluchtelingenkamp Dair Al Balah in de Gazastrook. Foto: Wissam Nassar

Palestijnen in de Gazastrook kunnen geen materialen importeren om ontziltingsinstallaties te bouwen door middel van tweeërlei gebruikslijst, terwijl de PA in de Westelijke Jordaanoever verhinderd wordt door problemen met goedkeuring van projecten opgelegd door de “JWC” en restricties die zijn opgelegd door de Oslo-akkoorden voor het boren van bronnen. Ontzilting geeft ook reden tot bezorgdheid aangaande asymmetrisch motorvermogen bij technische oplossingen, namelijk wie bedient de technologie en hoe wordt het verdeeld.  

Landbouw

Landbouw is het fundament van de Palestijnse samenleving. Ongeveer 60% van de bevolking van de Westelijke Jordaanoever woont in 500 landelijke dorpen, die minder zijn aangesloten op gecentraliseerde infrastructuur en meer afhankelijk van het omliggende gebied voor economische productiviteit.

Veranderde regenvalpatronen vanwege klimaatverandering vormen een groot risico voor de agrarische productiviteit binnen de Palestijnse bezette gebieden aangezien een adequate balans van water, warmte en zonlicht essentieel is voor de groei van gewassen. Ongeveer 85% van de Palestijnse landbouw wordt geïrrigeerd door regen, en ongeveer de helft van het water afkomstig van grondwaterbronnen wordt gebruikt in de landbouw. Toenemende droogtes en woestijnvorming zal zodoende de productiviteit van de gewassen en het vee aantasten terwijl kortere groeiseizoenen en toenemende waterbehoefe tot hogere voedselprijzen zal stijgen.

Deze effecten zijn met name gevaarlijk omdat er al een wijdverspreide voedselonzekerheid is in de bezette Palestijnse gebieden. In 2014 werden 26% van de huishoudens gezien als “ernstig of marginaal” verkerend in voedselonzekerheid, oplopend tot 46% in de Gazastrook. In de Gazastrook zal een stijgende zeespiegel en zoutwaterinmenging de lagergelegen landbouw aantasten, welke goed is voor 31% van de totale landbouwproductie van de Gazastrook en zal de voedselzekerheid in gevaar brengen van een al kwetsbare enclave. Boeren en herders zullen ook gaan zien hoe hun inkomsten en winsten minder worden door de bedreiging van hun agrarische leven met een toenemende kans om in de schulden en structurele armoede te raken.

De bezetting vernielt de Palestijnse landbouw door de inname van land en bevolkingscontrole. Israël’s groeiende nederzettingen en “settler-only roads” worden opzettelijk gebouwd op belangrijke strategische plaatsen, inclusief op landbouwgrond in gebied C. Israëlische restricties op bewegingsvrijheid en gecontroleerde toegang tot weidegronden zijn andere gevallen van het relatief lage totaalrendement van de Palestijnze bezette gebieden, welke minder is dan de helft van buurland Jordanië. Naast meer dan 400 checkpoints of wegblokkades in de Westelijke Jordaanoever, een gecompliceerd vergunningensysteem en de apartheidsmuur hebben Palestijnse boeren niet alleen minder land beschikbaar voor landbouw maar wordt hen ook de toegang ontzegd het land te bewerken.

Israëlische grenspolitie houdt toezicht op Palestijnse boeren die hun land bewerken in het dorp Qusra in de Westelijke Jordaanoever, 19 november 19 2013. Foto: Nati Shohat/Flash90

In de Gazastrook kan 20% landbouwgrond niet worden gebruikt omdat het in de door Israël opgelegde veiligheidsbufferzone nabij de grens met Israël ligt. In vele gevallen worden boeren en herders gedwongen om water te kopen van afgelegen plekken met als gevolg hogere transportatiekosten en het verliezen van waardevolle tijd. Daarnaast hebben Palestijnen gelimiteerde toegang tot lokale markten, moderne apparatuur en meststoffen.

Er zijn diverse aanpassingsmogelijkheden beschikbaar om de effecten van klimaatverandering op landbouw te veranderen. In de Westelijke Jordaanoever bestaan deze uit een betere waterefficiëntie en de planning van landgebruik. In de Gazastrook zouden waterefficiëntie en support en training op gemeenschapsniveau helpen om de impact van overexploitatie van beperkte bronnen, verergerd door klimaatverandering, te compenseren. De internationale gemeenschap (met name Europese landen) steunt diverse landbouwprojecten in de bezette Palestijnse gebieden. Een Zwitserse agentschap voor ontwikkeling en samenwerking heeft ervoor gezorgd dat kleinschalige producenten bijvoorbeeld aanspraak konden maken op natuurlijke bronnen en toegang tot markten. Desondanks zullen aanpassingsstrategieën zeer weinig impact hebben zonder een einde van de bezetting en de blokkade.

Een sprankje hoop

We zouden deze deprimerende samenvatting graag willen afsluiten met een sprankje hoop.

Wereldwijd is het klimaat sterk geworteld in politieke, sociale en economische linkse bewegingen. Hun campagnevoering en belangenbehartiging gaan samen met de strijd voor democratie, sociale rechtvaardigheid en mensenrechten en spreken zich uit tegen racisme, discriminatie, nationalisme en neoliberalisme. Niet alleen wordt een verandering geëist in milieubeleid, de globale klimaatbeweging streeft tevens na om economische machtstructuren te veranderen en om alle levende wezens te bevrijden van alle vormen van onderdrukking, geweld en onteigening.

Echter, de Israëlische klimaatbeweging blijft meestal stil wanneer het gaat om te strijden tegen neoliberalisme, racisme, onderdrukking en de bezetting en de diepgaande ecologische schade aan dit land en de mensen die er leven.

De One Climate movement promoot klimaatrechtvaardigheid tussen de rivier en de zee. Zij geloven dat alleen met een gevoel van gedeelde lotsbestemming, identificatie en solidariteit tussen alle slachtoffers van het regime in Israël-Palestina we in staat zijn om de samenwerkingsverbanden en de kritische massa te kunnen bewerkstelligen die nodig zijn om de klimaatcrisis en de effecten op de regio te stoppen.

Hier kunt u een aantal publicaties vinden over klimaatverandering in de Palestijnse gebieden.

Post navigation

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *